De ambulance is onderweg naar het ziekenhuis


Op naar het ziekenhuis

De ambulanceverpleegkundige blijft bij de patiënt, achter in de ambulance. Om de patiënt in de gaten te houden. Er mag altijd iemand mee met ambulance. Een volwassene bijvoorbeeld, of je juf of meester. Terwijl we onderweg zijn, sturen we de belangrijkste gegevens van de patiënt digitaal naar het ziekenhuis. Lang niet alle ritten hebben haast. En veel zijn ook gewoon gepland. Bijvoorbeeld als een patiënt moet worden overgeplaatst. Of als iemand een gebroken heup heeft en daar foto’s van moet maken. Of als een te vroeg geboren baby naar een ander ziekenhuis moet.